In 2017 maakte Samen1Plan Gent onderstaande Gentse analyse. Deze analyse staaft waarom het van belang is om meer capaciteit en meer samenwerking binnen de rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp te hebben in Gent.

1. De eerste indicatie: vanuit begeleidingen door OCMW Gent

Integrale Gezinsbegeleiding (IG) richt zich binnen de OCMW-doelgroep specifiek tot gezinnen met problemen op verschillende levensdomeinen: financieel, huisvesting, gezondheid, … met een  nood  aan opvoedingsondersteuning in brede zin van het woord. In elk welzijnsbureau is hier een gespecialiseerde maatschappelijk werker voor aangesteld die methodisch wordt aangestuurd door de psychologische dienst. In 2016 worden 163 gezinnen begeleid, waarbij 67% van de ouders alleenstaanden zijn, 20% bestaat uit het kerngezin en 13 % zijn nieuw samengestelde gezinnen. Deze gezinnen zijn slechts het topje van de ijsberg en beschouwen we als meest hulpbehoevend op vlak van ondersteuning op gezinsniveau.

Het merendeel van de gezinnen krijgt opvoedingsondersteuning op vraag van de ouders (79%). Ouders met een psychiatrische problematiek vinden we terug in 52% van de dossiers. Het OCMW ondersteunt vaak ouders met een verstandelijke beperking (43%). In 36% van de dossiers wordt het OCMW ingezet om ouders te helpen bewust worden  van problemen. Het OCMW fungeert vaak als casemanager (33%). Er wordt specifiek gewaakt over de veiligheid van kinderen in 41% van de dossiers. Ouders met een verslavingsproblematiek maken 24.5% uit van de begeleidingen. In 22% van de gezinnen wordt specifiek ondersteuning geboden aan gezinnen met kinderen tussen 0 en 3 jaar.

De meeste gezinnen staan op de trap van zorg en hulpverlening.  Ze hebben vaak te kampen met een kluwen van problematieken, verspreid over alle levensdomeinen. Zorg en hulpverlening zijn dan ook een belangrijke eerste stap. Het ontbreken van een ondersteunend netwerk belemmert hen ook vaak in hun stappen naar (sociale) activering. 

Naast de integrale gezinsbegeleiding zijn er vanuit de psychologische dienst in 2016 1196 OCMW cliënten in begeleiding, waarvan 22% minderjarig of onder de 25 jaar.

Binnen de jongerenwerking van OCMW Gent worden in 2016 346  jongeren begeleid tussen 18 en 25 die een verleden hebben van bijzondere jeugdzorg. Zij worden gezien als maatschappelijk zeer kwetsbaar en hebben vaak geen familiaal netwerk om op terug te vallen. Slechts 16% van hen behaalde een getuigschrift. Veel van deze jongeren hebben financiële problemen: 33% is in budgetbeheer, 39% heeft budgetbegeleiding, 6.5% heeft al collectieve schuldenregeling en 5% valt onder bewind.

2. De tweede indicatie: tekorten aan geestelijke gezondheidszorg

In Gent wordt een tekort aan geestelijke gezondheidszorg ervaren. Het percentage dat hulp krijgt, is voor Gent 1,9%. De unmet need (= aandeel zorgbehoevende dat geen zorg krijgt/zoekt) voor Gent bedraagt 11,2% (SWVG-Rapport 16: Steunpunt Welzijn, Volksgezondheid en Gezin: Inschatting van de behoefte aan geestelijke gezondheidszorg, 2013, KULeuven).

 3. De derde indicatie: vanuit onderwijs

Het onderwijs merkt, als 1 van de eersten, problemen bij jongeren in de klas op, maar heeft weinig tools in handen om hiermee aan de slag te gaan. Onderwijs m.i.v. CLB heeft nood aan zicht op beschikbare plaatsen binnen de Jeugdhulp voor bv. time-out. Ook het aantal plaatsen hiervoor is te beperkt. Dit voor kortdurende begeleidingen voor jongeren wiens gedrag op school ervoor zorgt dat er van leren niet veel meer in huis kan komen. Daarnaast zijn er jongeren die niet of nauwelijks naar school komen. Daarvoor bestaan er schoolvervangende trajecten, waar de jeugdhulp met de jongere aan de slag gaat. Ook hier is de capaciteit ontoereikend en is er te weinig duidelijkheid voor scholen én begeleidend CLB bij welke partners ze snel terecht kunnen.

4. De vierde indicatie: vanuit de signalenbundels voor Lokaal Sociaal Beleid (2010-2016)

Met de signalenbundels voor het Lokaal Sociaal Beleid bundelen Gentse praktijkwerkers structurele problemen die sectoroverstijgende oplossingen vragen. Voor deze bundels werken diensten van Stad Gent (Straathoekwerk, Gezondheidsdienst) en OCMW Gent samen met CAW Oost-Vlaanderen, Huis van het Kind Gent, IN-Gent, vzw Jong, Kras Gent, Samenlevingsopbouw Gent, Wijkgezondheidscentra Gent en Welzijnsoverleg Regio Gent.

Rond het thema jeugdzorg melden de jaarlijkse bundels:

  • Voor kinderen uit kwetsbare gezinnen die geconfronteerd worden met complexe problemen, komt de hulp geregeld heel laat. Verschillende diensten en organisaties hebben wel een zicht op de situatie waarin het kind zich bevindt, maar door een gebrek aan afstemming en mandaatsverdeling tussen die diensten gaat soms veel kostbare tijd verloren (2010).
  • Schulden bij jongeren is een probleem. Daarom wordt er in het technisch en beroepsonderwijs geregeld vorming gegeven. Budgetopvoeding zou in alle scholen aan bod moeten komen. Op die manier leren kinderen, van wie de ouders budgetproblemen hebben, budgetteren. Kinderen die thuis wel leren budgetteren, kunnen zo begrip leren krijgen voor kinderen die thuis minder kansen krijgen. Complexe begrippen als kansarmoede of economische migratie kunnen worden uitgelegd en gekaderd, wat tot meer begrip tussen verschillende  bevolkingsgroepen kan leiden (2011).
  • Het aantal jongeren met een psychische problematiek neemt toe. Indien opvoedingsproblemen en/of het gedrag van de jongere te problematisch worden, is er weinig aanbod op maat (zowel binnen als buiten de Integrale Jeugdhulpverlening). Voorbeeld: Voor leerlingen met gedrags- en emotionele stoornissen (GES) vindt men niet steeds gepaste hulp, wegens geen zicht op wat die gepaste hulp zou moeten zijn; te lange wachtlijsten, geen financiële middelen voor begeleiding (2014).
  • Er is een toename in de hulpvraag door ouders bij verslavingsproblemen (drugs, internet, gamen, gokken) van hun jongere. Voorbeeld: het gebruik van vluchtige middelen, zoals bijvoorbeeld lijm, doet terug zijn intrede bij jongeren (2014), maar ook bij jonge kinderen, wat de hulpverlening voor grote uitdagingen stelt (2017).
  • Heel wat jongeren zijn op zoek naar snelle en kortdurende psychosociale begeleiding op de eerste lijn zonder wachttijden. Waar voorheen een JAC-medewerker de tijd had om zulke trajecten te doorlopen, kan dit nu niet meer. Enkel in het kader van vraagverheldering kunnen er momenteel kortlopende trajecten ingezet worden. Wanneer na de vraagverheldering een psychosociale begeleiding nodig blijkt, dan is er te weinig aanbod voor jongeren in Gent (2016).
  • Er is onvoldoende hulpaanbod voor jongeren en jongvolwassenen tussen 18 en 25 jaar. Veel kwetsbare jongvolwassenen moeten overleven met een leefloon, komen terecht in een opvangcentrum of zelfs in de criminaliteit (2016). Dit linkt naar werf 3.

 5. De vijfde indicatie: de alom gekende wachtlijstproblematiek

De problematiek van wachtlijsten wordt vermeld vanuit verschillende sectoren:

  • Vanuit de brede instap functie (CAW, CLB, preventieve zorg van Kind en Gezin, Inloopteams, en bij uitbreiding: OCMW, scholen, Huis van het Kind, …) wordt gemeld dat het moeilijk is om vlot aanspraak te kunnen maken op RTJ-modules. Vele RTJ-voorzieningen leggen wachtlijsten aan en/ of hebben een bepaald aanmeldings- of prioriteitenbeleid dat afstemming mist. Het is ook moeilijk om zicht te krijgen op welk aanbod/ welke expertise er op welk moment beschikbaar is. Deze mechanismen bemoeilijken de doorstroom en dus continuïteit van zorg, wat een gezamenlijke afstemming noodzaakt.
  • De thuisbegeleidingsdiensten van het VAPH signaleren eveneens de problematiek van de wachtlijsten bij RTJ-diensten. De vraag overstijgt ruimschoots hun aanbod. Bij 5 tot 10% van de kinderen die geboren worden, manifesteert zich een ontwikkelingsproblematiek.
  • De gemiddelde wachttijd van de 2 CKG’s schommelt tussen de 6 maanden en 1 jaar.
  • In het eerste semester van 2017 stonden er 225 unieke cliënten (uitgezuiverd getal na controle van de wachtlijsten) op de wachtlijsten van de dagcentra en RTJ-thuisbegeleidingsdiensten in regio Deinze-Eeklo-Gent (exclusief CIG, positieve heroriëntering en intensieve kortdurende thuisbegeleiding). De gemiddelde wachttijd was 8,5 maanden.
  • Vanuit het crisismeldpunt wordt aangegeven dat de instroom significant stijgt en dat de heraanmeldingen in aantal even opvallend zijn, onder meer veroorzaakt door het uitblijven de vervolghulp.